Jarenlang ging de Nederlandse tuin richting strak en overzichtelijk: rechte border, grind netjes geharkt, drie soorten planten en verder niets dat uit de toon valt. Die stijl is aan het afbrokkelen. Tuincentra en hoveniers zien voor 2026 een duidelijke ommekeer naar de cottagetuin, een stijl vol overvloedige borders, slingerpaadjes en bloemen die gewoon een beetje door elkaar mogen groeien. Wie de trend heeft gevolgd op Gardeners' World Nederland en Plantbezorgd.nl ziet één plant steeds terugkomen: de lupine.
Waarom de kaalgeschoren tuin haar glans verliest
De strakke tuin met stenen tegels en drie potten buxus was jarenlang de veilige keuze. Makkelijk te onderhouden, weinig gedoe, maar ook een beetje kil. Nu tuinbezitters meer tijd buiten doorbrengen, willen ze een tuin die ook wat te doen geeft: knippen, planten verplaatsen, kijken wat er opkomt. Daarnaast speelt klimaat een rol. Een tuin vol beplanting houdt water beter vast bij hevige regen en biedt verkoeling tijdens hitte, iets waar een tegelvlakte weinig aan bijdraagt. Die twee wensen, meer sfeer en beter bestand tegen extreem weer, komen samen in de cottagetuin.
Vergelijk het met wat er al gebeurde met siergras in de tuin. Ook daar ging de aandacht van kale grond naar beplanting die beweegt en leeft. De cottagetuin trekt die lijn door, maar dan met kleur in plaats van alleen textuur.
Lupine is de plant die overal opduikt
Vraag een hovenier naar de plant van het jaar en je krijgt hetzelfde antwoord: lupine. De hoge bloemaren in paars, roze, wit en soms tweekleurig zijn precies het silhouet dat een cottagetuin nodig heeft. Plant ze in groepjes van minimaal drie, nooit los verspreid, anders verdwijnt het effect. Lupines houden van een zonnige tot licht beschaduwde plek en vooral van grond die water goed doorlaat. Natte voeten overleven ze niet.
Een kanttekening die je vaak over het hoofd ziet: slakken zijn dol op jonge lupinescheuten. Zet in het voorjaar een randje gebroken schelpen of grind om de planten, of gebruik wolachtige compagnons zoals vrouwenmantel als afleiding. Zonder die voorzorg is de kans groot dat je net geplante lupines binnen een week half kaalgevreten zijn.
Zo bouw je een border met diepte
De klassieke opbouw van een cottageborder werkt met lagen. Achterin komen de hoge bloeiers: lupine en ridderspoor. Daarvoor middelhoge planten zoals vingerhoedskruid en kattenstaart. Vooraan lagere soorten die de rand zachter maken, denk aan winterharde geraniums en vrouwenmantel. Door die opbouw ontstaat vanzelf diepte, en de border blijft van mei tot in september kleur geven omdat de verschillende soorten na elkaar in bloei komen.
Heb je nu vooral kale grond of een border die al een tijdje niemand heeft aangeraakt, dan is dit een goed moment om die aan te pakken. In ons artikel over een verwaarloosde tuin ombouwen staat hoe je met een bestaande, verwilderde plek begint in plaats van alles eerst plat te schoffelen.
De cottagetuin van nu is losser dan de klassieke versie
De cottagetuin die je van vroeger kent, met dichte, drukke borders vol bloemen die nauwelijks ademruimte kregen, is niet helemaal wat hoveniers nu adviseren. De versie voor 2026 is rustiger. Losse beplanting zonder stijve rijen, ruimte tussen de groepjes planten, en geen enkele haag die perfect strak geknipt hoeft te blijven. Dat maakt de stijl ook toegankelijker voor wie geen zin heeft om elk weekend te snoeien. Meer over de geschiedenis en kenmerken van deze tuinstijl lees je op Wikipedia.
Bodembedekkers spelen hierin ook een rol, want ze vullen de ruimte tussen de grotere planten op zonder dat je hoeft te wieden. Wil je weten welke soorten daarvoor geschikt zijn, kijk dan bij onze tips voor bodembedekkers.
Wat je nog meer nodig hebt voor het plaatje
Planten alleen maken de sfeer niet compleet. Bij de cottagetuin horen ook slingerende grindpaadjes in plaats van rechte tegelpaden, een klimroos of clematis tegen een muur of pergola, en kleine details zoals een houten regenton of een laag hekje. Het gaat niet om alles tegelijk toevoegen, kies een of twee elementen die bij je tuin passen en bouw daaromheen verder. Een regenton is bovendien praktisch: je vangt water op voor de border, precies de planten die je net hebt aangelegd.
Eetbare planten tussen de siergewassen zijn ook typisch voor de stijl. Een paar kruiden of een bessenstruik tussen de lupines vallen niet uit de toon en leveren wel iets op.
Dit is hoe je vandaag nog begint
Je hoeft niet meteen de hele tuin om te gooien. Kies één border, bij voorkeur op een plek met voldoende zon, en begin met drie lupines in een groepje achterin. Vul aan met vingerhoedskruid en een lage rand van vrouwenmantel, en zorg voor grond die water goed doorlaat. Binnen een seizoen zie je al hoeveel leven zo'n opbouw aan een tuin toevoegt, en van daaruit breid je rustig verder uit. De strakke tuin is dan al een stuk minder gemist dan je vooraf misschien dacht.